fbpx
In slaap Voeden Slaap Zoet

Is het slecht om je baby in slaap te voeden?

Het gebeurt zo vaak dat moeders zich verontschuldigen voor het feit dat ze hun baby in slaap voeden en/of in de nacht nog regelmatig voeden. Alsof het misdadig is om je kind in slaap te voeden. En alsof het abnormaal zou zijn dat je baby nog nachtvoedingen heeft. Ik wil deze mythe graag de wereld uit helpen, aangezien het in slaap voeden van je kind het meest natuurlijke is wat er is. Het is volkomen normaal dat je baby ’s nachts drinkt, zeer gezond voor je baby en het past volledig bij de ontwikkeling van je baby. We zijn immers zoogdieren, ontworpen om onze kleintjes te ‘zogen’, terwijl onze kleintjes zuigen. En dat mag lang, en zelfs heel lang. En ja, ook in de nacht. Moedermelk tast de melktanden niet aan zoals wel eens wordt gedacht, lees daarvoor een mooi artikel hier. Biologisch gezien is het volkomen gepast dat een baby, ook als het geen newborn meer is, nog nachtvoedingen heeft. En ja, ook na 6 maanden, een jaar of zelfs 18 maanden (Hysing et al, 2014).

Waarom werkt in slaap voeden zo goed?

In slaap voeden is bij veel baby’s zeer effectief. Veel moeders zijn blij een ‘middel’ te hebben dat altijd lijkt te werken. Maar waarom werkt in slaap voeden dan zo goed? Dat is een truc van moeder natuur, waarbij de samenstelling van de moedermelk en het contact tussen moeder en kind zorgt voor een soepele overgang van waken naar slapen. Over die moedermelk zo meer. Maar het voeden gaat dus niet alleen maar om de melk, het gaat ook om het comfort dat het de baby biedt, de warmte, het huid-op-huid contact, de geborgenheid. Geen wonder dat in slaap vallen zo makkelijk lijkt te gaan als je buikje gevuld wordt met zoete warme melk, en je daarbij ook nog eens dicht bij mama mag zijn en je kunt overgeven aan de slaperigheid.

Moedermelk: Welke hormonen zorgen waarvoor?

Melatonine

In nachtelijke moedermelk zit het slaaphormoon melatonine, wat helpt om te ontspannen en slaperig maakt, en ook een relaxerende werking heeft op het maag-darm stelsel (Engler et al, 2012). Je baby slaapt er niet alleen langer op maar heeft daardoor ook minder last van krampen. Bovendien helpt het je baby om z’n eigen slaap-waak ritme te ontwikkelen.

Cholecystokinine

Het hormoon en neurotransmitter cholecystokinine (ofwel CCK) wordt afgegeven in een deel van de dunne darm en de twaalfvingerige darm als reactie op het voeden; zodra er vet in de dunne darm komt wordt dit hormoon afgescheiden. Cholesystokinine zorgt voor een gevoel van verzadiging en stopt het hongergevoel. Het is dus een belangrijk hormoon in de regulatie van voedingen (Marchini & Linden, 1992). Maar Cholecystokinine zorgt niet alleen voor een gevoel van verzadiging, het zorgt ook voor slaperigheid na de maaltijd (Mansbach & Lorenz, 1983; Uvnäs-Moberg et al, 1993). Zowel je baby als jijzelf profiteren daar dus van.

Tryptofaan

In moedermelk zit het hormoon tryptofaan. Dit hormoon wordt door het lichaam gebruikt om melatonine te maken. Het volgt een circadiaans ritme. Dit betekent dat voor tryptofaan, de concentratie in de moedermelk in de nacht op z’n hoogst is. Er wordt verondersteld dat het daardoor werkt als een zogenaamde ‘zeitgeber’, en zorgt voor slaapconsolidatie in de nacht (Cubero et al, 2005). Dus: tryptofaan in de borstvoeding helpt mee om je baby langere stukken slaap te laten doen in de nacht.

Serotonine

En tryptofaan is niet alleen de uitgangsstof voor het lichaam om melatonine mee te maken; ook serotonine wordt gemaakt van tryptofaan. Serotonine helpt mee om het slaap-waak ritme in te stellen (Somer, 2009). En het lichaam gebruikt serotonine weer om melatonine te maken, wat het slaaphormoon is. Daarnaast is serotonine een belangrijke neurotransmitter die betrokken is bij hersenfunctie en -ontwikkeling (Hibberd et al, 1981).

Prolactine

Als je je baby voedt wordt door het zuigen aan de borst de productie van het hormoon prolactine gestimuleerd. Dit hormoon komt zowel in de moedermelk als in je eigen bloedbaan. Het zorgt ervoor dat je sneller en makkelijker in slaap kunt vallen na een voeding, en zorgt voor melkproductie. Het helpt dus niet alleen bij slaap maar zorgt er ook voor dat je melkproductie op peil blijft. Nachtvoedingen dragen daarmee bij aan een goede melkproductie.

Maar wat als je baby dit nodig blijft hebben?

Geen wonder dus dat voeden voor zowel je baby als voor jezelf een mooie manier is om zoveel mogelijk slaap te krijgen. En toch zijn veel moeders bang voor het aanleren van een ‘verkeerde’ gewoonte. De meeste baby’s groeien met de tijd echter vanzelf uit die voedingen, op het moment dat het biologisch gezien gepast is. En voor veel baby’s is het ook geen probleem om na in slaap te zijn gevoed, slaapcycli aan elkaar te lussen. Er zijn echter baby’s die hier niet vanzelf uitgroeien, en niet kunnen slapen zonder in slaap te worden gevoed. Dit hoeft niet per definitie een probleem te zijn. Als zowel moeder als kind dit niet als problematisch ervaren dan is het ook geen probleem. Voor sommige gezinnen is dit op een gegeven moment echter een onhoudbare situatie. Als dit het geval is, en afbouwen van het in slaap voeden niet lukt, dan kan het zijn dat er andere zaken spelen die ervoor zorgen dat de baby niet zelfstandig kan slapen. Een goede analyse kan dan in kaart brengen wat er aan de hand kan zijn. En mocht afbouwen nodig (bijvoorbeeld vanwege een ziekenhuisopname van moeder) of gewenst (het gezin wil het niet meer) zijn, dan zijn er manieren om het af te bouwen, op een liefdevolle manier. 

Conclusie

Het is normaal dat baby’s in de nacht wakker worden. En het is normaal dat je je baby dan in slaap voedt. Nachtvoedingen zijn heel normaal. De hormonen die in avond- en nachtmelk zitten dragen bij aan de ontwikkeling van een goed circadiaans ritme bij je baby. Bijkomend voordeel is dat borstvoedende moeders zelf ook nog eens meer slaap krijgen dan niet borstvoedende moeders, zelfs tot wel 40-45 minuten meer! (Doan et al, 2007). Werkt het voor jou en je baby, dan voed je je kleintje gewoon zonder schuldgevoel in slaap! Werkt het niet of niet meer voor je, dan kan je altijd contact opnemen om jouw specifieke situatie door te spreken en te kijken naar manieren om het te veranderen!

Wil je mij volgen?

Like en volg me op Facebook, Instagram en abonneer je op de nieuwsbrief hieronder. Geen spam, enkel de nieuwe blogs boordevol tips en informatie rondom slapen en opvoeding.

Slaap Zoet Consuela Hendriks Gz-psycholoog Orthopedagoog Droomritmecoach Slaapcoach

Over de auteur

Consuela Hendriks is BIG-geregistreerd GZ-psycholoog, orthopedagoog en gecertificeerd slaapcoach. Ze is bijna 20 jaar werkzaam in de geestelijke gezondheidszorg. Met haar jarenlange ervaring in haar praktijk voor psychologische en pedagogische hulpverlening, diagnostiek en 1e en 2e lijnsbehandeling voor kinderen, jongeren en jongvolwassenen heeft zij veel gezinnen mogen ondersteunen bij ontwikkelings- en opvoedingsvraagstukken, waaronder slaapproblematiek. Haar expertise en ervaring ligt niet alleen op het gebied van zich 'normaal' ontwikkelende kinderen maar tevens op het gebied van kinderen met ontwikkelingsstoornissen. Klik op de foto om meer te lezen over Consuela Hendriks.

Abonneer je op de nieuwsbrief!

Referenties:

Cubero, J., Valero, V., Sánchez, J., Rivero, M., Parvez, H., Rodríguez, A. B., & Barriga, C. (2005). The circadian rhythm of tryptophan in breast milk affects the rhythms of 6-sulfatoxymelatonin and sleep in newborn. Neuroendocrinology Letters26(6), 657-662.

Doan, T., Gardiner, A., Gay, C. L., & Lee, K. A. (2007). Breast-feeding increases sleep duration of new parents. The Journal of perinatal & neonatal nursing21(3), 200-206.

Engler, A. C., Hadash, A., Shehadeh, N., & Pillar, G. (2012). Breastfeeding may improve nocturnal sleep and reduce infantile colic: potential role of breast milk melatonin. European journal of pediatrics171(4), 729-732.

Hibberd, C. M., Brooke, O. G., Carter, N. D., Haug, M., & Harzer, G. (1982). Variation in the composition of breast milk during the first 5 weeks of lactation: implications for the feeding of preterm infants. Archives of Disease in Childhood57(9), 658-662.

Hysing, M., Harvey, A. G., Torgersen, L., Ystrom, E., Reichborn-Kjennerud, T., & Sivertsen, B. (2014). Trajectories and predictors of nocturnal awakenings and sleep duration in infants. Journal of Developmental & Behavioral Pediatrics35(5), 309-316.

Mansbach, R. S., & Lorenz, D. N. (1983). Cholecystokinin (CCK-8) elicits prandial sleep in Mansbach, R. S., & Lorenz, D. N. (1983). rats. Physiology & behavior30(2), 179-183.

Marchini, G., & Linden, A. (1992). Cholecystokinin, a satiety signal in newborn infants?. Journal of developmental physiology17(5), 215-219.

Somer, E. (2009). Eat your way to happiness. Harlequin.

Uvnäs-Moberg, K., Marchini, G., & Winberg, J. (1993). Plasma cholecystokinin concentrations after breast feeding in healthy 4 day old infants. Archives of disease in childhood68(1 Spec No), 46-48.

Uvnäs-Moberg, KJ.., Widstrom, A., Marchini, G., & Winberg, J. (1987). Release of GI hormones in mother and infant by sensory stimulation. Acta Paediatrica76(6), 851-860.

Delen: